Friday, January 15, 2010

Lectoren en commitment

Innovatie is een populair woord. Het is in 2003 met stip binnengekomen in de politieke jargon top-50. Politici gebruiken het graag: het is een woord met een hoog 'Yes we can'-gehalte. Het draagt de belofte in zich dat het allemaal beter gaat worden, voorbij het gezapige poldermodel, voorbij de crisis, voorbij de statistieken die er voor Nederland al meer dan tien jaar niet goed uitzien. Het aantal Haagse beleidsnota's dat de afgelopen zes jaar verschenen is rond innovatie is niet meer te tellen, met steeds dezelfde hoopvolle ondertoon: Baanbrekende nieuwe ideeën liggen voor het oprapen als we maar wat beter kijken. Het is bijna toveren.
Er is maar één probleem: in praktijk is innovatie geen toveren, maar gewoon hard werken. Het kost veel inspiratie, tijd, geld en energie om iets moois te maken. Zoals een Engelse fotograaf William Foster het ooit mooi heeft gezegd: 'Quality is never an accident; it is always the result of high intention, sincere effort, intelligent direction and skilful execution; it represents the wise choice of many alternatives.'
Neem nou de factor geld, om maar eens iets te noemen. Alhoewel het beleid ons verteld dat innovatie ont-zet-tend belangrijk is, blijkt uit de financiën het tegenovergestelde. Bij de bezuinigingsronde om het Nederlandse crisispakket samen te stellen blijkt dat het onderwijs fors wordt aangeslagen. Het toch wat lachwekkende gespartel van het Innovatieplatform ten spijt gaan de komende jaren de investeringen die ons land doet in kennis & innovatie dus omlaag. Tot zover niets nieuws uit Den Haag, terug naar de studio Hilversum.
Wie als manager of medewerker van een onderwijsinstelling werk wil maken van innovatie (dus: nieuwe ideeën in uitvoering brengen om je leerlingen & docenten beter van dienst te zijn) kan zich dus maar beter niet spiegelen aan Den Haag. Begin niet met een grote nota en grote beloftes. Voorkom dat innovatie een speeltje wordt van belangrijke mensen in je organisatie. Dat zijn mensen die het eigenlijk te druk hebben met andere dingen en het eigenlijk ook niet echt belangrijk vinden. Het leidt onherroepelijk tot beleid.
Maak het praktisch. Reserveer 1% van je budget, bedenk aan welke drie prioriteiten je dat wilt besteden en laat dat weten aan je organisatie en je 'klanten'. Die kunnen zich met hun goede ideeën melden bij je leukste medewerker, die je de functietitel 'projectleider innovatie' geeft. Stel ter ondersteuning van die projectleider een werkgroep samen uit docenten, leerlingen, ouders en een paar externen die de beste ideeën selecteren. Ga daarna aan de slag, geef je projectleider de ruimte en hou tegelijkertijd de vinger aan de pols. Want een van de belangrijkste kwaliteiten in het proces is om tempo te maken. Doe snel een pilot. Door een mooi idee snel in contact te brengen met de werkelijkheid wordt duidelijk of het waarde heeft en kan het zich verrijken. Als het niet werkt: trek de stekker er snel uit. 'Fail fast', zoals de Amerikanen zeggen. En voorkom zo lang mogelijk dat er belangrijke mensen (de wethouder, de koepel-bestuurder, Haagse beleidsmedewerkers en directeuren, de minister) je mooie project ontdekken. Want zodra dat gebeurt ben je de helft van je tijd kwijt met het ontvangen van die belangrijke mensen, die je komen zeggen hoe goed je bezig bent. Alsof je dat zelf al niet wist.

'An idea is true if it works', schreef de Amerikaanse pragmatische filosoof John Dewey. Zo is het maar net. Innovatie is gewoon werk.

No comments:

Post a Comment