Het nieuwe kabinet denkt na over een nieuwe innovatiebeleid. In de BNR Denktank denk ik met het kabinet mee over het Innovatiebeleid 2.0. Ik hanteer daarbij drie spelregels:
a. Het mag geen extra geld kosten, want dat is er niet;
b. We laten ons niet gekmaken door de cijfers en de vergelijkingen met het buitenland;
c. We richten ons op de wereld achter de cijfers, op de mensen die werken in de kenniseconomie. Waar ondervinden die mensen hinder van het systeem en waar gaat het echt prima? En bovenal: waar krijgen ze dubbelzinnige boodschappen? Waar zitten de kromme prikkels?
Een goed voorbeeld van zo'n kromme prikkel is de matching. Matching is goed Nederlands voor: je krijgt de helft van het geld, en de rest moet je zelf inleggen. Het werkt zo. Stel een onderzoeker dient een subsidie-aanvraag in bij NWO, de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek. Dat voorstel wordt beoordeeld door een groep experts, en alleen de beste aanvragen krijgen geld. Ze krijgen alleen niet de volle mep. Nee, ze krijgen de helft van hun begroting. De rest moet de instelling waar de onderzoeker werkt bijschieten.
Dat klinkt niet ingewikkeld, maar wie wel eens betrokken is geweest bij grote projecten waar matching een rol speelt weet wel beter. Het moest haast wel bedacht zijn boekhouders die op zoek waren naar manieren om meer geld te verdienen. Zodra er gematched moet worden ontstaat er gegarandeerd allerlei gedoe. Er moeten afspraken gemaakt worden over wat wel en niet als officiële matching mag tellen. Boekhouders die voortdurende mee moeten kijken, definitievraagstukken, ga zo maar door. Er wordt als vanzelf een hoop vergaderd.
Maar wat nog erger is: onderzoekers die erg goed zijn halen veel NWO-projecten binnen. Het probleem is: ze moeten dus ook veel matching regelen. En kan tot een hoop gedoe leiden binnen de onderzoeksgroep. Want ook matching-geld kan maar één keer uitgekeerd worden. We maken het dus onnodig ingewikkeld voor de mensen die echt goed zijn.
Een derde 'scheefstand' die door matching ontstaat noem ik subsidie-balletje-balletje. Dat werkt zo. Een instelling heeft een basissubsidie. Een miljoen van die basissubsidie wordt ingezet als co-financiering voor bijvoorbeeld een demonstratieproject van twee miljoen. Vervolgens wordt die twee miljoen weer als co-financiering ingebracht in een EU-programma van vier miljoen. Voor de instelling is het een winstverdriedubbelaar, maar het is de vraag of de samenleving er ooit iets aan gaat hebben.
Deze kromme prikkel is eenvoudig op te lossen. Gewoon stoppen met matching. Vanaf nu keert NWO 100% uit. De dekking is eenvoudig. Die komt uit de pot van twee miljard voor fundamenteel onderzoek. Opgelost. Echt, soms kunnen kromme prikkels heel simpel recht worden gemaakt.
Tuesday, February 15, 2011
Subscribe to:
Post Comments (Atom)
No comments:
Post a Comment